Curriculum - site van de Vlaamse overheid


 

Buitengewoon basisonderwijs Type 2 - Communicatie en taal - Uitgangspunten

Het stimuleren van de communicatievaardigheid is één van de belangrijkste ontwikkelingsdoelen in het buitengewoon onderwijs type 2. Enkel via communicatie is interactie mogelijk tussen het kind en de buitenwereld. Het leren begrijpen en gebruiken van een geschikt communicatiesysteem zal niet alleen het intermenselijk contact en de maatschappelijke integratie bevorderen, maar ook de kennisoverdracht bij andere leergebieden vergemakkelijken. Communicatievaardigheid is dus zowel doel als middel.

Naast het ontwikkelen van de communicatieve vaardigheden van het "spreken" en het "luisteren" wordt ook in ontwikkelingsdoelen voor het "lezen" en het "schrijven" voorzien.

De ontwikkelingsdoelen "communicatie en taal" worden geordend in volgende domeinen :

  1. Communicatieve vaardigheden : deze bevatten naast de basale communicatieve vaardigheden ook het "luisteren en het spreken.
  2. Lezen
  3. Schrijven

1. Domein communicatieve vaardigheden

Bij leerlingen in het BuO type 2 treft men een zeer grote verscheidenheid aan wat betreft sensorische, motorische en cognitieve mogelijkheden. Bovendien is de communicatiebehoefte voor elk van hen anders. Sommige kinderen zullen slechts in sterk afgebakende situaties met een beperkt aantal personen in contact komen, terwijl andere voluit aan het maatschappelijk leven zullen deelnemen. Communicatie wordt dan ook zeer ruim gezien en blijft niet beperkt tot het gebruiken en begrijpen van gesproken taal. Als uitgangspunt geldt dat er communicatie is wanneer een persoon (zender of ontvanger) een betekenis toekent aan het gedrag van de andere persoon (zender of ontvanger). Dit noemt men gedragsinterpretatie. Er is bijgevolg ook communicatie wanneer de gegeven boodschappen niet goed begrepen worden vermits er gedragsinterpretatie mogelijk is.

Communicatie is interactie tussen personen. Bij leerlingen uit het BuO type 2 is de verbale communicatie vaak beperkt. Het is dan ook belangrijk om voldoende aandacht te besteden aan alle vormen van communicatie zodat deze leerlingen zo optimaal mogelijk begrepen worden en kunnen begrijpen. Als uitgangspunt gaat het dan ook om totale communicatie waarbij:

  • er een interactieproces is tussen leerling en anderen (zender<-->ontvanger)
  • verschillende communicatiekanalen gelijktijdig gebruikt kunnen worden
  • er toepasbaarheid voor de leerling in zijn leefwereld is
  • alle vormen van communicatie evenwaardig zijn

In het BuO type 2 zal rekening houdend met de specifieke hulpvraag van de leerling een logopedische begeleiding opgestart worden. Bij de selectie en het nastreven van de ontwikkelingsdoelen uit het leergebied communicatie en taal zullen logopedisten vaak een belangrijke taak toebedeeld krijgen.

Het is bovendien ook aangewezen dat het team indien mogelijk in overleg met de ouders of de verzorgers van de leerling die vorm van communicatie selecteert die het meest aansluit bij de mogelijkheden van de leerling, opdat de communicatie zo optimaal mogelijk zou verlopen. In de realiteit kan voor een bepaalde leerling een combinatie van verschillende communicatiesystemen van toepassing zijn om de taalontwikkeling maximaal tot ontplooiing te brengen. Zo kan bijvoorbeeld een leerling gebruik maken van SMOG (eenvoudig motorisch-visueel communicatiesysteem) en eveneens communiceren via eenvoudige verbale communicatie.

2&3 Domeinen ‘lezen’ en ‘schrijven’

Om adequaat te functioneren in onze maatschappij die sterk gebaseerd is op geschreven informatie (wegwijzers, pictogrammen …) zouden minimale vaardigheden in lezen en schrijven ontwikkeld moeten worden. Voor kinderen uit type 2 staat alles in het teken van de praktische bruikbaarheid van het aangeleerde in het dagelijkse leven. Gezien het zwakke abstractievermogen van de meeste leerlingen zal men zich moeten beperken tot haalbare doelstellingen. Het is de verantwoordelijkheid van de school om in team-verband met het PMS-centrum, ouders en externe deskundigen op basis van onderzoek, observatie en de evolutie van de leerling die ontwikkelingsdoelen te selecteren die voor een bepaalde leerling haalbaar en wenselijk zijn.

In het gedeelte "faciliterende lees- of schrijfvoorwaarden en aspecten" worden een aantal elementaire vaardigheden beschreven die belangrijk zijn als voorbereiding op het lezen en het schrijven. Deze voorwaarden zijn geen "noodzakelijke" voorwaarden om het lees- of schrijfproces aan te vatten maar kunnen dit evenwel vergemakkelijken.

naar boven

Laatst gewijzigd op: 30/05/2017