Buitengewoon secundair onderwijs - Opleidingsvorm 3 - Algemene en sociale vorming - Lichamelijke opvoeding - Ontwikkelingsdoelen


6. Lichamelijke opvoeding

6.1 Algemene motorische competenties

  1. De leerling beheerst elementaire bewegingsvaardigheden zoals gaan en lopen, werpen en vangen, heffen en dragen, klimmen en klauteren, trekken en duwen, huppelen en springen, fietsen.

  2. De leerling ontwikkelt lichaamseigen basiscapaciteiten zoals lenigheid, snelheid, kracht, uithouding, weerstand.

  3. De leerling zet prikkels om in adequaat motorisch gedrag door een gepast antwoord te geven op auditieve, visuele en tactiele prikkels.

  4. De leerling ontwikkelt oog-handco÷rdinatie, oog-voetco÷rdinatie en bilaterale co÷rdinatie.

  5. De leerling ontwikkelt evenwichtsgevoel op de grond en in de hoogte en behoudt of herstelt zijn evenwicht, stilstaand of in beweging.

  6. De leerling kent zijn lichaamsschema.

  7. De leerling beheerst de techniek om zich te ontspannen en zijn vormspanning te verbeteren.

6.2 Specifieke motorische competenties

6.2.1 Dans en lichaamsbeweging

  1. De leerling is bereid tot en durft zich uit te drukken door middel van lichaamsexpressie.

  2. De leerling voert een opgelegd ritme met handen, voeten, heupen uit en zet een ritmische beweging verder.

  3. De leerling voert een passenstructuur op een muzikale achtergrond uit.

  4. De leerling voert verschillende dansvormen uit.

  5. De leerling voert een opgelegde beweging gecontroleerd uit op aangeboden muziek.

  6. De leerling geeft uitdrukking aan verschillende stemmingen via lichaams-expressie.

6.2.2 Zwemmen

  1. De leerling overwint tijdens de watergewenning zijn waterangst.

  2. De leerling maakt zich een elementaire zwemstijl eigen.

  3. De leerling past de aangeleerde technieken van gevorderd zwemmen creatief toe in verschillende situaties (crawl, schoolslag, rugslag).

  4. De leerling springt en duikt en zwemt onder water.

  5. De leerling zwemt een opgelegde afstand om een brevet te behalen.

  6. De leerling verwerft de vaardigheden voor reddend zwemmen.

6.2.3 Atletiek

  1. De leerling voert een spurt en duurloop uit.

  2. De leerling kan ver- en hoogspringen.

  3. De leerling ontwikkelt werpen en stoten in progressie.

6.2.4 Bal- en slagsporten

  1. De leerling neemt deel aan bal- en slagsporten zoals voetbal, basketbal, volley(net)bal, handbal, badminton, honkbal, tennis, tafeltennis, unihoc.

  2. De leerling voert de specifieke basistechnieken uit eigen aan de verschillende bal- en slagsporten, individueel, met partner(s) en in groepsverband.

  3. De leerling verwerft speltechnische en tactische inzichten.

  4. De leerling speelt een wedstrijd, rekening houdend met afgesproken spelregels.

6.2.5 Spel- en sportspelen

  1. De leerling verwerft de vaardigheden om zich te bewegen in ruimte en tijd die fundamenteel nodig zijn voor deelname aan spel- en sportspelen zoals tikspelen, loopspelen, balspelen, reactiespelen, estafettespelen, co÷peratieve spelen.

6.2.6 Alternatieve ľ natuurgebonden sporten

LO leert jongeren ook respectvol omgaan met de natuur en het milieu. Daarom is het hier ook wenselijk ontwikkelingsdoelen te selecteren uit de rubriek milieueducatie.

  1. De leerling neemt op een volwaardige wijze deel aan een beperkt aantal complementaire sporten of sportdisciplines zoals bowling, minigolf, schaatsen, paardrijden, petanque, muurklimmen, wielrennen, frisby, krachtbal, squash, fitness, aerobic, verdedigingssporten, gevechtssporten.

  2. De leerling brengt bij sportbeoefening in de natuur voldoende respect op voor de natuur om haar niet te schaden.

6.3 Gezonde en veilige levensstijl

LO leert jongeren ook een gezonde levensstijl aan en werkt aan hun sociaal-emotionele ontwikkeling. Daarom is het wenselijk ook ontwikkelingsdoelen te selecteren uit gezondheidseducatie. De volgende aspecten dienen hierbij aan bod te komen:

  • fitheid;

  • hygiŰne;

  • veiligheid.

6.4 Zelfbeeld en sociaal functioneren

LO draagt bij tot het verwerven van een positief zelfbeeld en de verbetering van het sociaal functioneren van de jongeren.  Daarom is het wenselijk ook ontwikkelingsdoelen te selecteren uit sociaal-emotionele educatie.

De volgende aspecten moeten hierbij aan bod komen:

  • realististisch zelfbeeld;

  • sociale relaties.

naar boven

Laatst gewijzigd op: 21/08/2018